|
Planetoïden 
In het zonnestelsel bevinden zich miljoenen rotsblokken. Ze
heten astroïden of planetoïden. Er is er slechts één, Ceres, groter dan 990 km
in doorsnede. De kleinsten zijn niet groter dan een stofkorrel. De meeste
planetoïden draaien in een brede gordel rond tussen de banen van Mars en Jupiter.
Ze draaien net als planeten rond de Zon. Sommige verlaten deze Planetoïdengordel
en kruisen de weg van de binnenplaneten. Alle planetoïden reflecteren zonlicht
maar er is er slechts één helder genoeg, vesta, om soms met het blote oog te
kunnen zien.
Vorm en afmeting
Planetoïden hebben verschillende vormen en afmetingen. Er zijn er slechts tien
groter dan 250 km. De meeste hebben een onregelmatige vorm; boen 300 km
doorsnede zijn ze bolvormig . Planetoïden bestaan uit steen, ijzer of beide. Een
paar Planetoïden zijn: Psyche is een onregelmatige planetoïde uit de
planetoïdengordel en ongeveer 250 km groot. Men denkt dat hij uit steen- ijzer
bestaat. Hij draait in ongeveer vier uur om zijn as. Vesta is een bolvormige
planetoïde uit de planetoïdegordel en is ongeveer 560 km in doorsnede. Hij is de
op twee na grootste planetoïde. Het hele oppervlak is met kraters bedekt. Ceres
meet 993 km in doorsnede en is daarmee de grootste planetoïde en werd ook het
eerst ontdekt. Hij is bedekt met donker materiaal dat maar weinig zonlicht
weerkaatst.
De planetoïdengordel
Meer dan 90 procent van de planetoïden bevindt zich in de planetoïdengordel en
er zijn er nu zo’n 7000 bekend. Ze komen echter ook wel in andere delen van het
zonnestelsel voor. Zo volgt een groep, de Trojanen geheten, Jupiter in zijn
baan. Gemiddeld draaien planetoïden in drie tot zes jaar om de Zon.
Waarneemtips
Vanaf de Aarde gezien lijkt een planetoïde op een
sterpuntje
Er zijn meer dan 60 planetoïden die helderder kunnen
worden dan m=+10, helder genoeg voor een verrekijker of telescoop.
Je hebt een gedetailleerde sterrenkaart nodig met zwakke
sterren en coördinaten van de planetoïde die je wilt bekijken.
Vergelijk de sterrenkaart met de sterren aan de hemel. Zie
je een extra ster? Dat zou de planetoïde kunnen zijn.
Neem het object verscheidene nachten achtereen waar om de
beweging ten opzichte van de sterrenachtergrond te bepalen
|